Algemeen

Roelie en Jacobus Voolstra 60 jaar getrouwd

Door: Redactie

Het gezamenlijke avontuur van Jacobus (84) en Roelie (82) Voolstra uit Beetsterzwaag begon bij Café Overwijk in Tijnje. Na de eerste avond lieten ze elkaar niet meer los, op 29 januari waren ze zestig jaar getrouwd.

Roelie en Jacobus Voolstra kregen ter gelegenheid van hun 60-jarig huwelijk bezoek van locoburgemeester Libbe de Vries.
Roelie en Jacobus Voolstra kregen ter gelegenheid van hun 60-jarig huwelijk bezoek van locoburgemeester Libbe de Vries.

‘Bouw je eigen woning in Lippenhuizen’. Dat bord stond halverwege de jaren zestig bij de kerk. Dat leek Jacobus Voolstra en Roelie de Haan wel wat, ze lieten ze een huis bouwen aan de Buorsterwyk. Toen het klaar was, kon er getrouwd worden. “Sa hoegden wy de earste huwelijksnacht net by ús âlders op zolder troch te bringen”, vertelt Roelie lachend. Lippenhuizen is ook het dorp waar Roelie opgroeide. Kobus werd geboren in Terband, begin jaren zestig was hij boerenarbeider in Tijnje. Bij Café Overwijk ontmoette hij Roelie, die daar met een vriendin was. “Ik hie krekt trije jier ferkearing hân”, vertelt ze. “Myn holle stie der eins net nei.” Toch bracht Jacobus die avond Roelie op zijn brommer thuis. Hij kon nog net op tijd afscheid nemen om al niet direct kennis te maken met een ongeruste heit De Haan.

Ruim vijftig jaar bleven ze op hun stekje aan de Buorsterwyk. Jacobus maakte de overstap van boerenarbeider naar stratenmaker. Eerst bij een aannemer, sinds begin tachtiger jaren bij de gemeente Opsterland. Ontelbare vierkante meters klinkers en tegels heeft hij gelegd. “Mar ik ha my op de knibbels wol de bealich kapot wrotten.” Op zijn 62ste ging hij met pensioen. Ook Roelie werkte buitenshuis. Ze wilden beide vooruit in het leven en waren allebei werkzuchtig, zoals Roelie het noemt. “Ik ha wol altyd swart wurke”, voegt ze lachend toe. “Yn de húshâlding op hiel wat adressen.”

Zeven jaar geleden volgde het afscheid van Lippenhuizen. De gezondheid van Jacobus ging achteruit, de grote tuin werd een probleem. Ze vonden een plekje aan de Fundatielaan in Beetsterzwaag. Iedere twee weken rijden ze samen terug naar Lippenhuizen, waar ze nog steeds lid van de koersbal zijn. “Dan hearre je ek nochris wat.” Roelie ontvangt vier keer per dag zorg voor haar suikerziekte en is mantelzorger voor haar Kobus. “In goede en slechte tijden, sa tink ik der oer.” Drie dagen per week heeft ze wat meer tijd voor haar zelf, dan gaat Jacobus naar de dagbesteding bij het Hummelhûs in Oudehorne. Hij vindt het een geweldige plek en geniet van het contact met de peuters en kleuters die er ook worden opgevangen. Ze vierden hun huwelijksjubileum klein. Het echtpaar heeft twee dochters en twee kleinkinderen.