Algemeen

Hondentrainer Wim Bol: “Blaffen aanleren is makkelijker dan afleren”

Door: Redactie

URETERP - Iedereen komt weleens een vervelende hond tegen. Een hond die maar blijft blaffen. Een hond die lelijk gromt of een hond die tegen anderen opspringt. Vervelend voor een ander, maar ook vervelend voor het baasje. Wim Bol over hoe je een vervelende hond verandert in een ‘gehoorzame huishond’.

Hondentrainer Wim Bol
Hondentrainer Wim Bol Foto: Remco Hofman

Wim Bol (68) uit Ureterp is al elf jaar hondentrainer bij hondenschool Cunos in Drachten. Zelf hadden ze vroeger thuis allerlei verschillende honden, van groot tot klein, vertelt Bol. Toen hij negentien jaar was, ging hij aan de slag bij de politie en werkte zich in veertig jaar op van agent tot hoofdinspecteur. Bij de politie werkte Wim Bol al met dieren. “In Groningen ben ik ook nog chef geweest van de Levende Have, de politiehonden en -paarden.”

Goed gedrag belonen

Tegenwoordig geeft Wim Bol wekelijks cursussen voor hondenbezitters, waarbij de lesmethodes vooral gericht zijn op het belonen van goed gedrag van de hond. Straf als gevolg van slecht gedrag wordt niet of nauwelijks toegepast. Een hond moet volgens Wim Bol vooral passen bij het karakter van het baasje. Sommige hondenbezitters hebben te weinig tijd en geduld voor een hond. De keuze voor een hond valt dan ook vaak helemaal verkeerd uit. “Poedels zijn bijvoorbeeld hele zenuwachtige honden. Dat zijn stuiterballen. Een labrador is daarentegen heel stabiel van karakter. Bouviers zijn echte werkhonden. Dat waren vroeger koeiendrijvers.”


Foto: Remco Hofman

Volgens Bols is bij de opvoeding van een hond belangrijk om goed gedrag te belonen. Vroeger kreeg een hond nog weleens een ferme tik. Net zoals schoolkinderen jaren geleden een draai om de oren kregen of een mep met een liniaal van de strenge meester. Tijden veranderen, ook voor honden. Tikken worden niet meer uitgedeeld.

Vriendelijke commando’s

De commando’s zijn echter gebleven. Een hond moet nog steeds zitten (Zit!) en komen (Hier!), maar de toon van het baasje moet volgens Wim vriendelijk zijn. Geen gebrul en gesnauw, maar met een aangename stem. Wat ook van belang is, is het duidelijk zijn naar de hond. De hond moet weten wat van hem verwacht wordt. Geen zwabberbeleid, maar helderheid. “Je moet je hond niet de ene dag wel en de andere dag niet op de bank laten zitten. Wees consequent. De commando’s die een hond geleerd heeft, moeten ook steeds op dezelfde manier gebruikt worden. Zit is zit. Niks anders. Een simpel woord en geen zinnen. Kort en krachtig, maar vooral duidelijk voor een hond.”

Een hond moet weten dat het niet alles op mag eten

Een hond die om de haverklap blaft vormt vaak een ergernis voor de hondeneigenaar en ook voor de omgeving. Zo’n hond kan meestal slecht tegen alleen zijn, waardoor hij overal op reageert. Wim heeft daar zelf weinig moeite mee: “Ik kies voor een hond en niet voor een goudvis. Blaffen aanleren is makkelijker dan blaffen afleren. Ik adviseer om ongewenst gedrag te negeren.”

Agressie

Naast honden die om de haverklap blaffen, zijn er ook honden die agressief reageren op andere honden of op voorbijkomende fietsers. “Op dat moment is het raadzaam de hond extra aandacht te geven en hem af te leiden bijvoorbeeld met een ‘voedertje’ of op een andere manier. Praat tegen je hond als er een andere hond langsloopt. Ga een verhaaltje vertellen, maar doe dat op een interessante manier door je stem goed te gebruiken. Dan heb je de aandacht van je hond en kan de andere hond of fietser ongestoord voorbijgaan.


Foto: Remco Hofman

Een ander vaak voorkomend probleem is een hond die altijd aan de lijn trekt, waardoor de hondeneigenaar niet rustig kan genieten van een blokje om met de hond. Een hond wandelt sowieso sneller dan de mens. Een hond wandelt zo’n zes kilometer per uur, terwijl een mens niet sneller loopt dan vijf kilometer per uur. Bovendien wil een hond vaak eerder thuis zijn dan zijn baasje. ‘Kijk, ik ben er eerder dan jij’.”

Pavlov-effect

“Een hond doet iets, omdat het weet dat het iets oplevert. Daarom werkt een beloning beter dan een straf”, legt Bol uit. Honden reageren ook op bepaalde geluiden, omdat ze weten dat er dan een beloning volgt. Dit is het zogenaamde Pavlov-effect. Wim demonstreert dat door bij hem thuis het koffiezetapparaat aan te zetten en de koektrommel open te maken, waarna zijn blonde bouvier Queenie meteen kwispelend naar de keuken loopt. Bij koffie hoort immers een koekje.

“Koekjes en andere voedertjes zijn prima om een hond te belonen bij goed gedrag, maar een hond moet ook weten dat hij of zij niet mag bedelen om voedsel als een gezin aan tafel zit of tv kijkt.” Wim leert honden ook voedsel te weigeren en dat heeft een goede reden. “Een hond moet weten dat het niet alles op mag eten. Geen dode dieren oppeuzelen of kauwen op een weggegooide frikandel. Ik gebruik dan het commando: ‘Nee!’”

Tekst en foto’s Remco Hofman