
Dit jaar gonzen twee namen door Beetsterzwaag: Tinco en Jan Loman. Twee eigenzinnige types die het avontuur in de kunst zochten. Tinco als 19e-eeuwse verzamelaar, Jan Loman als modernistische maker. Kunstruimte Wagemans laat in drie opeenvolgende exposities zien hoe het oeuvre van Loman tot stand kwam. En er bestaat sinds kort de ‘Jan Lomanwandeling’: sightseeing in het dorp.
Voor de deur van Kunstruimte Wagemans ligt een haiku in het plaveisel: ‘de Sweachster skoalle, tusken Beets en Betlehem, waard hjirre delset’. Vijf om zeven om vijf lettergrepen bevat de overpeinzing, Jan Loman had wat met de minimalistische dichtvorm. Her en der in Beetsterzwaag liggen zijn gedachtesprongen op meer plekken in steen gebeiteld, de Jan Lomanwandeling voert erlangs. Loman gaf de haiku’s en andere kunstwerken cadeau aan het dorp waar hij tot zijn dood in 2006 zou wonen en werken. Het kunstbudget kon de gemeente maar beter besteden aan de jongere garde, hij had het geld niet nodig. Het is mooi weer: wat te doen? De wandeling of de expositie? Toch maar eerst de tentoonstelling bekijken die kunsthistoricus en galeriehouder Fred Wagemans samenstelde uit het vroege werk van Loman. Als 17-jarige scholier bezoekt Loman het net geopende Gemeentemuseum in Den Haag, vertelt Wagemans. “Daar komt hij in het trappenhuis oog in oog te staan met een Mondriaan: drie gele banen in een vlak. Destijds een radicaal werk, maar Loman herkent instinctief de technische schoonheid in de vormen. Zoiets wil hij ook maken.” Het thuisfront in Gorredijk vindt dat de jongen zich beter op serieuzere zaken kan richten. Loman voegt zich en gaat in Delft geodesie studeren. Zijn loopbaan als landmeetkundige staat het kunstenaarschap echter niet in de weg, aldus Wagemans. “Eerder andersom, zijn financiële onafhankelijkheid stelde hem in staat om volledig zijn eigen weg te volgen.” Hoe die weg eruitziet laat de kunstruimte in de oude school zien in drie opeenvolgende exposities. Dit voorjaar komt het vroege werk aan bod, van de zomer ‘Loman en het Wad’, en in de herfst een selectie die kenner Wagemans beschouwt als de essentie van het omvangrijke oeuvre.
Voor de deur van Kunstruimte Wagemans ligt een haiku in het plaveisel: ‘de Sweachster skoalle, tusken Beets en Betlehem, waard hjirre delset’. Vijf om zeven om vijf lettergrepen bevat de overpeinzing, Jan Loman had wat met de minimalistische dichtvorm. Her en der in Beetsterzwaag liggen zijn gedachtesprongen op meer plekken in steen gebeiteld, de Jan Lomanwandeling voert erlangs. Loman gaf de haiku’s en andere kunstwerken cadeau aan het dorp waar hij tot zijn dood in 2006 zou wonen en werken. Het kunstbudget kon de gemeente maar beter besteden aan de jongere garde, hij had het geld niet nodig. Het is mooi weer: wat te doen? De wandeling of de expositie? Toch maar eerst de tentoonstelling bekijken die kunsthistoricus en galeriehouder Fred Wagemans samenstelde uit het vroege werk van Loman. Als 17-jarige scholier bezoekt Loman het net geopende Gemeentemuseum in Den Haag, vertelt Wagemans. “Daar komt hij in het trappenhuis oog in oog te staan met een Mondriaan: drie gele banen in een vlak. Destijds een radicaal werk, maar Loman herkent instinctief de technische schoonheid in de vormen. Zoiets wil hij ook maken.” Het thuisfront in Gorredijk vindt dat de jongen zich beter op serieuzere zaken kan richten. Loman voegt zich en gaat in Delft geodesie studeren. Zijn loopbaan als landmeetkundige staat het kunstenaarschap echter niet in de weg, aldus Wagemans. “Eerder andersom, zijn financiële onafhankelijkheid stelde hem in staat om volledig zijn eigen weg te volgen.” Hoe die weg eruitziet laat de kunstruimte in de oude school zien in drie opeenvolgende exposities. Dit voorjaar komt het vroege werk aan bod, van de zomer ‘Loman en het Wad’, en in de herfst een selectie die kenner Wagemans beschouwt als de essentie van het omvangrijke oeuvre.









