Cultuur en uitgaan

Sjongersmiddei Nije styl

Sjongersmiddei.
Sjongersmiddei. Sjongersmiddei.De SkansVrouwen Gorredijk.
Zingen is voor veel mensen nog steeds een grote hobby. Toch hebben veel koren te maken met krappe bezettingen. Wie zaterdag het enthousiasme hoorde van de negen Opsterlandse koren op de Sjongersmiddei Nije styl begrijpt niet waarom.
Meer dan tweehonderd zangers zitten er in De Mande. Verdeeld over negen Opsterlandse koren, die ieder drie of vier nummers zingen. Met de andere koren en zangliefhebbers als aandachtig gehoor. Het programma is divers, een breed repertoire aan liederen komt voorbij. Te Wûnderlik uit Lippenhuizen zingt bijvoorbeeld de grappige Nederlandse tekst van Jules de Corte op Die Forelle van Schubert. Frouljuskoar Hjerres uit Ureterp brengt ´Je bent niet hip´ van een jonge Patricia Paay. Maar daarnaast klinkt ook ´De Heer heeft omgezien naar mij´ door Ta Gods Eare uit Frieschepalen en Siegerswoude. Het maakt eigenlijk ook niet uit wat je zingt, als je maar zingt, lijkt het credo. Het zangplezier golft door de zaal. En bijna alles klinkt, dankzij de fraaie meerstemmige arrangementen, ook nog eens mooi. Met soms begeleiding op accordeon, dan weer op piano en een enkele keer vanaf cd.
Vorig jaar organiseerde de Opsterlandse Zangfederatie voor de laatste maal een Sjongersdei. De federatie hief zichzelf op. Na een herziening van het gemeentelijke subsidiebeleid achtte de federatie zichzelf overbodig. “Mar der wiene meardere koaren dy’t fûnen dat sa’n middei wol bestean bliuwe moast”, vertelt Harm Nieuwland van het Frysk Sjonkoar uit Gorredijk. Samen met Iskje Hovinga van de Dúnsjongers en Atty Verbeek van Ta Gods Eare organiseerde hij daarom de Sjongersmiddei Nije styl. “Der wie noch wat jild oer, dat it kostet de koaren neat.” De belangstelling was groot. “Wy woenen it programma net te lang meitsje”, vertelt Iskje. “Der wie plak foar tsien koaren. Die wienen der samar. Trije koaren moasten wy teloarstelle.” Een van de koren moest op het laatste moment vanwege een sterfgeval afhaken. Als het aan de organisatie ligt, blijft de Sjongersmiddei ook in de toekomst behouden.
Het zangplezier was zaterdagmiddag zo groot, dat het eigenlijk onbegrijpelijk is dat zoveel koren moeite moeten doen om nieuwe leden te vinden. De Dúnsjongers uit Bakkeveen waren met 32 leden het grootste koor, andere koren moeten het doen met minder dan twintig zangers. Die dan ook nog eens moeten worden verdeeld tussen de verschillende mannen- en vrouwenstemmen. Dan is de bezetting per stem soms kwetsbaar, al was dat zaterdag tijdens de optredens meestal niet te horen. Wie rondkeek in de zaal zag zaterdag veel grijs en kaal. De gemiddelde leeftijd lag redelijk hoog en mannen waren bovendien fors in de minderheid. Maar als je ziet hoeveel smaken er zijn, dan moet er toch voor veel meer mensen een mooi plekje in een koor te vinden zijn.