Cultuur en uitgaan

‘Landschap is een staat van zijn’

Door: Redactie

GORREDIJK Hoe oriënteren we ons op het landschap? Die vraag bindt de exposities die momenteel te zien zijn in Museum Opsterlân en bij het kerkje van Kortezwaag. Intrigerende oude kaarten van Op- sterland en de verrassende interpretatie van een jonge kunstenaar.

Zaterdag was Sanne van Balen (midden) zelf aanwezig om uitleg te geven bij de expositie.
Zaterdag was Sanne van Balen (midden) zelf aanwezig om uitleg te geven bij de expositie. Foto: Sietse de Boer

Drie oude dekenrekken op een rij aan de rand van de vijver bij het kerkje van Kortezwaag. Met op ieder rek een rode, uit quilts opgebouwde, deken. Om het verschil te kunnen zien, is het nodig dichterbij te komen. Sanne van Balen, de maakster, gaf afgelopen zaterdag zelf uitleg. 

Als artist in residence was ze vier weken te gast in Museum Opsterlân, als onderdeel van het project Stroomopwaarts. Sanne is opgegroeid in Boarnburgum, verhuisde later naar Amsterdam. In coronatijd keerde ze terug en ontdekte de kracht van het landschap. “No wit ik wêrom’t ik meitsje wat ik meitsje. It lânskip en de minsken, it lûkt.”

De drie dekens onderscheiden zich van elkaar. De eerste deken verbeeldt het verleden, met de waterwegen die het landschap in de regio hebben gevormd. Het heden komt terug in de tweede deken, waarop ook de A7 en de N381 hun plek hebben gevonden. De derde deken staat symbool voor de toekomst. Er zijn alleen contouren van het gebied zichtbaar. 

“Wy kinne dat sels noch ynfulle, it is noch iepen.” Links en rechts zijn woorden herkenbaar, begrippen die verwijzen naar de flora en fauna van het veengebied. “Bliuwt dat bestean?” Het landschap is geen gegeven, vertelt Sanne. Het is een staat van zijn, waar we invloed op hebben.

Dat alle dekens een schakering van rood zijn, is voor Sanne logisch. “Ik wurkje graach yn ien kleur. Dat moast dit kear read wêze, de kleur dy’t by de skiednis fan dit gebied heart.”

Oriëntatiepunten

De oriëntatie van het landschap staat ook centraal op de expositie Stroomopwaarts in Museum Opsterlân. Oude kaarten brengen het verleden terug. Nodigen uit om de geschiedenis van het landschap te ontdekken. De oudste kaart dateert uit 1696, gemaakt door Eble Wybes. Hij schetst percelen veen bij Ureterp, ten noorden van de vaart. Het is moeilijk terug te halen waar dit precies is. Dat geldt voor meer detailkaarten uit het eerste deel van de 18e eeuw. Het perspectief is soms ingewikkeld en oriëntatiepunten missen.

Dat is heel anders bij de twee geweldige, uitvergrote kaarten van Opsterland die in de expositie centraal staan. Rond 1700 krijgt Friesland de eerste eigen atlas. Eerst uitgegeven door Bernardus Schotanus à Sterringa, later door François Halma. Zo leerden de Friezen hun provincie kennen. De kaart van 1718 is een ontdekkingstocht. De Opsterlandse Compagnonsvaart heeft vanuit Gorredijk Lippenhuizen nog niet bereikt. 


De vesting Gorredijk met schans is duidelijk herkenbaar. Van de Nieuwe Vaart die nu Gorredijk via Terwispel met de Ulesprong verbindt is nog geen spoor te zien. Het zal nog meer dan een eeuw duren voordat deze wordt uitgegraven. Schepen vanuit Gorredijk moeten dan nog via het Klidzerak, de Wispel en het Lange Rak richting Ulesprong. De huidige Sweachster- en Gordyksterwei ligt er ook nog niet. De Ald Hearrewei verbindt Lippenhuizen met Beetsterzwaag. Het Koninckdiep meandert nog fraai door het landschap.

Honderd jaar later

De tweede uitvergrote kaart stamt uit 1849, wanneer Wopke Eekhoff zijn bekende Nieuwe Atlas van Friesland publiceert. De effecten van de vervening met wijken en opvaarten zijn duidelijk zichtbaar. Met wegen die er ruim honderd jaar daarvoor nog niet waren. Wegen die goed te vergelijken zijn met nu, al zijn tracés wel wat verschoven links en rechts. 

Maar ook met veel namen die we nu nog steeds gebruiken. Met nog een prominente plek voor De Walle als Waterkeering aangegeven tussen het Koningsdiep en Beetsterzwaag. Een fraaie kaart uit 1853 laat het tracé van de Tjonger zien, zoals die al meanderend door het landschap trok, maar inclusief het tracé van de kanalisatie.

Te zien

De expositie met zeventien historische kaarten in Museum Opsterlân is nog te zien tot en met 10 juli. De dekens van Sanne van Balen hangen tot en met 30 juni dagelijks buiten bij het kerkje van Kortezwaag. Bij slecht weer hangen ze in de kerk. De hele maand juli zijn de dekens te zien in It Damshûs in Nij Beets.

museumopsterlan.nl