Twee Oekraïense dominees zoeken hulp in Ureterp
URETERP Bijna een week lang waren twee dominees van de Protestantse Kerk uit Oekraïne te gast in Ureterp. Yosyp (53) en Vasyl (43) logeerden bij het Oekraïense gezin Osypenko.

Yosyp en Vasyl zijn beide dominee in een klein dorp in het westen van Oekraïne, niet ver van de grens met Slowakije. Het oorlogsfront in het oosten van het land is ver weg, maar toch hebben zij ook direct met de oorlog te maken. Veel vluchtelingen uit het oosten zijn naar het relatief veilige westen van het land vertrokken. “Wij hebben momenteel 28 mensen in huis. Ouderen, jongeren en kinderen.”
Eens per maand gaan Yosyp en Vasyl naar het belegerde gebied om voedsel te brengen naar burgers en soldaten aan het front. Ze trekken dan langs het front en praten en bidden met de soldaten. “De soldaten hebben veel medesoldaten zien sterven en zijn bang dat ze hun familie nooit weer zien.”
De vrijwel allemaal onervaren soldaten zijn in het geheel niet voorbereid op de oorlog. Veel soldaten lijden aan depressies en kampen daardoor vaak met alcohol- en drugsverslaving. De dominees staan iedereen bij in deze moeilijke periode van hun leven. Aan de keukentafel in Ureterp tonen ze video’s waarop ze samen bidden met gehelmde soldaten naast een tank en een provisorisch onderdak. Daar eten ze maaltijden uit blik. “In een oorlog zijn er geen atheïsten. Iedereen bidt en vraagt om steun van God.”
Als ze van het front zijn teruggekeerd in hun eigen dorp in het ‘veilige’ oosten van het land, worden hun dagen in beslag genomen door het regelen van het volgende transport naar het front. Er moet vervoer, voedsel en ook geld ingezameld worden, de benzine is duur.
Drie keer per week houden ze een avonddienst in hun eigen kerk. In het kerkgebouw worden ook vluchtelingen opgevangen. Vaak moeders met jonge kinderen die op doortocht zijn naar andere landen. Hun taak als dominee houdt eigenlijk nooit op. Ook omdat er veel begrafenissen in het dorp zelf zijn. “Elke week worden wel drie of vier omgekomen soldaten uit het dorp begraven. Van mijn klas van de lagere school zijn zeven van de vijftien jongens gestorven,” legt Vasyl uit.
Vasyl en Yosyp zijn naar Nederland gekomen om contacten te leggen en om duidelijk te maken dat Oekraïne nog steeds hulp nodig heeft. Ze merken dat de aandacht voor de oorlog verflauwt. Ze hebben contact met De Friese Rijders en geven aan dat er vooral behoefte is aan voedsel dat lang bewaard kan blijven, zoals ingeblikt eten. “Hier is voedsel iets heel normaals, maar bij ons is het een geschenk.”











