
De tafels en stoelen in de centrale ontmoetingsruimte van obs De Toekan in Oosterwolde staan schots en scheef door elkaar. Daartussen: basisschoolleerlingen op de grond. De kinderen storen zich niet aan de haag bestuurders uit de onderwijswereld die eromheen staan. In groepjes zetten ze op de linoleumvloer met tape baantjes uit tussen de wirwar van tafel- en stoelpoten. Straks moet hun ‘Mindstorms-robot’ op wieltjes tussen de lijnen van het uitgelegde parcours draaien, keren en u-bochten maken. Normaal gesproken draait de spelcomputergeneratie daar de hand niet voor om. Maar bedieningconsoles of zendertjes ontbreken ditmaal, de leerlingen moeten de robot met de iPad zelf opdrachten geven; dat betekent dat ze moeten programmeren. De bovenbouwleerlingen van De Toekan hebben de afgelopen weken al experimenterend geleerd de lego-robots aan de praat te krijgen. Vandaag delen zij hun pasverworven kennis met leeftijdgenootjes van de naburige SBO De Kampingerhof.
Lieneke Agricola heeft de robotopdrachten als afstudeeropdracht voor haar opleiding onderwijsassistent bedacht, samen met medestudenten van het Friesland College. Ze kijkt nu toe hoe de kinderen van elkaar leren, zo nu en dan helpt ze een clubje verder op weg. Lieneke heeft zelf niet zoveel met techniek, maar dat hoeft ook niet. “Ik weet net het noodzakelijke van de robots, mijn rol ligt vooral in de didactische begeleiding. Ik moedig de kinderen aan om samen te werken, want met elkaar weten ze meer dan in hun eentje. En ik wijs ze erop dat ze de problemen die ze tegenkomen het beste in stukjes kunnen hakken om tot een oplossing te komen. Zo verzinnen ze zelf hele creatieve manieren voor de uitvoering.” “Vroeger sloopte je als kind een oude radio om te zien hoe die in elkaar zat, of je sleutelde eindeloos aan fietsen en brommers”, vertelt Jan Bos van JB Besturingstechniek uit Wolvega, die langs de kant het gekrioel belangstellend volgt. “Tegenwoordig komen jongeren niet meer vanzelfsprekend met techniek in aanraking. Dus kiezen ze ook niet zo snel voor een technische opleiding, terwijl we juist groot gebrek hebben aan techneuten.” Bos steunt daarom met andere bedrijven het programmeerproject van het Friesland College en Comprix. Kwestie van gedeeld belang: “Tussen deze kinderen zitten onze werknemers van de toekomst.” Ook Trendship, het noordelijke platform voor innovatie, legt geld bij. De twee scholen in Oosterwolde vormen de voorhoede van het programmeerproject; in de loop van het schooljaar wordt het verder uitgerold over de Comprixscholen in Opsterland en de beide Stellingwerven.






