
Nergens lijkt de verlegging van de N381 zo goed te hebben uitgepakt als voor het eeuwenoude Ontwijk. Maar niet na een lang en taai gevecht, weet Marijke Pieters, sinds twee jaar de gelukkige bewoonster van het landgoed. Ze komt voor huis kijken tegen wie haar honden staan te blaffen. Voorheen doorsneed de N381 het landgoed, brengt Marijke in herinnering. Vorige eigenaar familie d’Hondt heeft dwars tegen de provincieplannen in alles in het werk gesteld om het tracé naar de westkant te verleggen. En met succes. Zo heeft het landgoed zijn historische aansluiting met de Opsterlandse Compagnonsvaart teruggekregen. “d’Hondt heeft het huis begin jaren tachtig ook van verval gered.”
Rijksmonumenten zijn in de regel bij kopers niet populair, reden waarom Marijke en man Jan het landgoedhuis twee jaar geleden konden overnemen. “We mogen niets aan de buitenkant veranderen, dat willen we ook niet. Binnen zijn we wel vrij, maar ook het interieur brengen we in originele staat terug.” Ontwijk het huis en Ontwijk het bos waren ooit één. Vanaf 1819 bewoonden drie generaties Fruitier de Talma het landgoed, honderd jaar lang. Toen de laatste Fruitier de Talma stierf, sloeg een clubje vermogende Donkerbroekers in 1926 de handen ineen om het landgoed voor het dorp aan te kopen: de Vereniging tot Behoud van Natuurschoon voor Donkerbroek. De nieuwe eigenaar leukte het bos nog eens op met een wielerbaan, een openluchttheater en een doolhof, maar geen van de frivoliteiten hield stand. Evenmin als de vereniging zelf. In 1969 nam Staatsbosbeheer het bosgebied over en kwam het huis in particuliere handen.
Kleinschalige versie
Wie niet oplet gaat zo voorbij aan de ingang tussen het groen, maar stap je eenmaal binnen dan vouwt het bos zich open. Eeuwenoude beuken tussen varensbedden dragen hoog in de lucht hun bladerdak, in de ruimte daaronder hangt de stilte van de tijd. Die voornaamheid kalft geleidelijk aan af als je een van de hoofdlanen inslaat. Het smalle langgerekte natuurgebied kent er drie: linksom, rechtsom en middendoor. De buitenpaden door de brede bosrand leiden om het ongerepte open heidegebied dat het hart vormt van het landgoedbos. Dat loopt heerlijk, van twee zijden valt het licht het bos binnen. Aan de ene kant leiden zijpaadjes naar de natte heide die in bloei staat. Aan de andere kant geven doorkijkjes zicht op het coulisse-akkerland en de veenweiden van de Tjonger. Ontwijk doet denken aan de Duurswouderheide, maar dan intiemer, lieflijker; natuur die een kind kan behappen. Op het ommetje van nog geen vijf kilometer komt de wandelaar de hele staalkaart aan landschapselementen tegen die Zuidoost-Friesland zo bijzonder maken.Terug bij de entree valt pas de grote zwerfkei op, half verscholen onder de hulst. Daarin gegraveerd de namen van de Donkerbroekers uit 1926: ‘Zij die dit bos bewaarden’. Dank daarvoor.






