
Het is dik dertig jaar geleden dat bar-discotheek Cosy Corner in Langezwaag de deuren sloot. Hoog tijd voor een reünie van oud-stappers vond uitbater van toen Gerrie Krist. “Guon minsken ha ik hast sechtich jier net sjoen.” Dat zijn de maten van toen, toen Gerrie in 1967 samen met Frouko Krist een bar opende in een oude stal, eerst aan de Ponnereed en een jaar later aan de Lúkster Heawei. “Dat wie it bargehokje”, herinnert Fimmie Postma-Kort zich. “Doe’t ik sechtjin wie, gie ik elke snein te middei steefêst nei ús bargehokje, it moaiste geboutsje fan hiel Opsterlân.”
Eersteuursstapper Appie Jansma is er ook in de gezellige zaal van het dorpshuis. “Ik wie der fanôf it begjin by. We hienen sinas, kola en knakwoarsten.” Hij heeft al een aantal van zijn maten van toen herkend. “De measten ha ik nei harren trouwen nea wer sjoen.” Graag had hij ook wat meer meisjes van toen vanavond tegen willen komen. Weemoedig: “Ik ha der ferskate efter op de motor hân, it wie altyd wol flikfloaie.”
Geprojecteerde oude foto’s boven het podium roepen herinneringen op, het geluidsniveau is precies goed voor heerlijk bijpraten. Rond tien uur zal de heropgerichte band Green Apple spelen. Dat ging bijna niet door, sterker, bijna ging de hele reünie niet door vertelt Gerrie. “Een wike tefoaren krige leadsjonger en gitarist Bert in hertoanfal.” Bert is nu weer thuis, maar deze zaterdagavond nog niet op het podium. De vier overgebleven bandleden vangen zijn partijen op. In de zaal geniet Jules Dresia, hij is zijn oude band nog niet vergeten. Van 1969 tot 1973 was hij de bassist.
Met haar 31 jaar haalt Monique Kölliker de gemiddelde leeftijd van de stappers flink naar beneden denkt ze. Speciaal voor de reünie kwam ze over uit Zwitserland. “Gerrie is myn omke. Ik ha Cosy Corner sels net meimakke, te jong. Mar ik kin in soad minsken omdat se by omke oer de flier kamen. En in soad herkenne my ek. En as je ien kear yn Langsweagen wenne ha, dan bliuwt altyd dy ferbining.” Er zijn ook gasten overgekomen uit Duitsland en het voormalig Oost-Duitsland vertelt Gerrie.
Ook bij Hennie Hoekstra zit het stappersbloed nog dichtbij. “Wy bin troud yn café ’t Hou”, zoals ze standaard het voormalig Café Krist noemt waarachter in 1974 bar-dancing Cosy Corner werd gevestigd. “Wy gienen altyd op sneon te jûne nei it kafee, de manlju wienen dêr sneins nei it fuotbal.” Ze moet er vanavond nog even inkomen, lastig om iedereen na zoveel tijd nog te herkennen. “Miskien wienen nammebuordsjes wol handich west.”
“Juh, bisto it. Hoe ist?” “Sjoch, ik sei it al, dat is….” “Hé, do hjir ek?” Bijpraten, blij oplichtende gezichten bij herkenning, warme herinneringen. Het is er allemaal. De lichten dimmen, tijd voor Green Apple. Terug in de tijd gaat het met ‘Needles and pins’ van The Searchers.







