LDODK: wurggreep van slecht veld
In de Korfbal League was LDODK ambitieus. De club wilde een serieuze rol spelen in de strijd om de bovenste vier plekken, goed voor een plaats in de play-offs en de grote finaledag in Ahoy. Het liep anders, want tot de laatste wedstrijd moest LDODK knokken voor lijfsbehoud, al kwam het plekje op het hoogste niveau nooit echt in gevaar. “Misschien was die ambitie iets te groot”, kijkt voorzitter Gouke de Vries terug. “Maar spelers en trainers spraken die doelstelling met elkaar uit en ik hou daar wel van. Hadden we in de eerste duels wat meer punten gepakt, dan had het ook zomaar anders kunnen lopen.” Anderzijds verzekerde LDODK zich dus voor het derde jaar op rij rechtstreeks van opnieuw een jaar Korfbal League. “Wij hebben nog geen enkele wedstrijd in de play-downs moeten spelen, zoals bijvoorbeeld Nic. en OVVO wel moesten. Die hebben het uiteindelijk ook niet gered.”

IJsbaan
Buiten op het veld in de Ereklasse, kan LDODK wel bij de beste vier van Nederland eindigen. Als nummer twee in de poule heeft de ploeg zaterdag tegen OVVO nog één punt nodig. “Het is bijzonder dat we ons daarvoor kunnen kwalificeren. Dat moeten we ons met zijn allen ook realiseren. Zoiets is voor een club als PKC heel vanzelfsprekend, voor ons niet.” De Vries geniet langs de lijn van de strijd die het eerste team levert, maar heeft op datzelfde moment ook volop zenuwen. “Ik ben als de dood dat een speler serieus geblesseerd raakt op ons kunstgrasveld. Overigens niet alleen bij wedstrijden van het eerste. Ons veld is een ijsbaan.” LDODK zou graag komend seizoen al op een vernieuwd veld spelen. De gemeente Opsterland reserveerde al jaren geleden geld voor een tweede kunstgrasveld. Maar het blijft maar onduidelijk waar dat veld kan komen te liggen. “Er zijn verschillende opties. Op de huidige locatie blijven en daar nieuwe velden aanleggen, verhuizen naar de zonneweide bij het zwembad Kortezwaag of alles gewoon laten zoals het is.”
Dat laatste heeft zeker niet de voorkeur. De club wil echter ook geen overhaaste keuzes maken zolang de toekomst van de sportvoorzieningen in Gorredijk nog niet duidelijk is. “Investeren in het huidige veld is nodig, maar een risico als binnenkort blijkt dat we alsnog gaan verhuizen. Dit houdt ons al jaren in een wurggreep. De sportverenigingen zijn het wel met elkaar eens. Zij willen graag alle sportvoorzieningen bij elkaar brengen in Kortezwaag. Verenigingen kunnen elkaar dan versterken. Maar dat betekent wel dat de gemeente Opsterland moet investeren in zowel de binnen- als de buitenaccommodaties.”
Bij de top
In 2012 werd De Vries voorzitter bij LDODK. “Het was de tweede keer dat ze me vroegen. Bij de eerste poging vond ik mezelf met 28 jaar nog te jong. Bovendien had ik kleine kinderen, een drukke baan en waren we ons huis aan het verbouwen.” Op z’n dertigste hapte hij wel toe. “Ik hoefde maar één keer in de week te overleggen en niet elke wedstrijd verplicht aanwezig te zijn.”
De praktijk bleek volledig anders. Zeker in het eerste jaar dat LDODK in de Korfbal League speelde was De Vries zo dertig tot veertig uur met de club in de weer. “De club wilde zich direct organisatorisch goed neerzetten. We gingen overal kijken. Bij voetbalclubs als SC Heerenveen, ONS Sneek, Harkemase Boys en bij korfbalclub DVO en de volleybalsters van Sneek.” Het bestuur wilde weten wat er komt kijken bij spelen op het hoogste niveau. “Hoe ontvang je je gasten, de pers, sponsoren; dat soort zaken.” Ook kwam er een businessclub om extra inkomsten te genereren.
Drie seizoenen later stelt De Vries tevreden vast dat LDODK op al die vlakken bij de top van Nederland hoort. Thuiswedstrijden in Kortezwaag, met gemiddeld 900 toeschouwers, staan in korfballand al te boek als het Ahoy van het Noorden. “Ard Korporaal, de trainer van Fortuna, vertelde me dat hij zijn spelers vooraf op het hart drukt te genieten in Gorredijk. Omdat het, op Ahoy na natuurlijk, de mooiste entourage is om in te spelen.”
Ambities bij talenten
De Vries wil LDODK laten uitgroeien tot de topclub van korfballend Friesland met volop aantrekkingskracht naar een nog grotere regio. Voor publiek, maar ook voor korfbaltalenten. “We hadden het geluk met een heel talentvolle groep, vol eigen jeugd, de Korfbal League te bereiken. Om op niveau te blijven moet je eigen talenten aan blijven vullen met talenten uit de regio.”
Dat begint inmiddels ook al aardig vorm te krijgen in de jeugd. Talentvolle E- en D-pupillen van andere clubs vinden nu al hun weg naar Gorredijk. Vaak op eigen initiatief, omdat ouders van talentjes zien wat er bij LDODK mogelijk is. Toch bespeurt De Vries, zeker bij iets oudere talenten ook wel eens gebrek aan ambitie en durf. “Er zijn veel potentiële toppers die liever in hun vertrouwde omgeving blijven. Maar als ik jong was, bulkte van het talent en de kans kreeg om in een topsportomgeving te spelen, dan greep ik die onmiddellijk aan. Probeer het. Je kunt altijd weer de stap terug maken en dat is zeker geen gezichtsverlies.”
Uiteindelijk moet alles een keer leiden tot een finaleplaats in Ahoy. “Een moeilijk traject. Maar het is wel het doel waar we het met zijn allen voor doen. Waarbij we er uiteraard voor blijven waken dat LDODK ook gewoon LDODK blijft. Met aandacht voor iedereen op ieders eigen niveau. Een club waar we met zijn allen trots op kunnen zijn.”












