Zondag geeft Blue Boys nieuw elan
“Dit is waar we stiekem op gehoopt hadden”, zegt aanvoerder Bart Jonckers met een glimlach van oor tot oor. “We wisten dat er over beide teams verspreid aardig wat kwaliteit rondliep bij deze club, maar je moet natuurlijk altijd afwachten hoe dat in elkaar past.” Dat gaat voorlopig uitstekend, met 13 punten uit 5 duels en dat gecombineerd met een meer dan prima doelsaldo. Blue Boys schoot al 19 keer raak, waarvan tien keer via topschutter Sander Hoekstra. “Sander krijgt nu nog meer bruikbare ballen”, lacht Jonckers. Afgelopen zondagmiddag tekende Hoekstra voor een van de doelpunten in de 3-1 overwinning op hekkensluiter GVB uit Grootegast.

Er zijn meer clubs die kampen met het dilemma van twee verschillende afdelingen binnen één vereniging. Of dorpen waar zowel een zaterdag- als een zondagclub het hoofd boven water proberen te houden. In Nij Beets waren er ook zeker leden, vooral binnen de oudere garde, die de plannen om vol in te zetten op het zondagvoetbal allemaal maar niks vonden. “In mijn vorige periode als voorzitter, zo’n twintig jaar geleden, hebben we ook wel eens geopperd om voor de zaterdag of de zondag te kiezen. Toen kwam het er niet door, nadat uit een enquête bleek dat de helft van de leden vóór was en de andere helft tegen. Ook de elftallen zelf zagen het destijds niet zo zitten”, vertelt Klaas Wiersma. Nu was de situatie volgens de voorzitter volledig anders. “Dit keer kwam het idee van de spelers van beide teams zelf. Die kloof was dus al geslecht. De tijden zijn sowieso ook wel iets veranderd, gelukkig.”
Oud-Heerenveen
Jonckers vertelt waar de wens om voortaan samen te spelen vandaan komt. “In 2013 speelden we met een mix van de zaterdag- en zondagafdeling een wedstrijd tegen oud-Heerenveen. Ik had toen direct iets van ‘dit zou echt een heel leuk elftal zijn voor in de competitie’. Dat gevoel leefde bij meer jongens, bleek achteraf.” Het zaterdagteam speelde al jaren in de middenmoot van de vijfde klasse, de zondagploeg was seizoenen lang een van de slechtste clubs op dat niveau. Samengevoegd staat er dus wel een heel behoorlijk team, merkte trainer Sjouke de Bos Bantema snel genoeg.
“Deze groep pakt meer op dan menig derde- of vierdeklasser. Er komt veel vanuit henzelf en ik hoef dingen vaak maar één keer te zeggen”, aldus de coach, die in het verleden ook tweedeklassers onder zijn hoede had. “Alleen de discipline, die moest wel even worden aangehaald. Dat we een groep van minimaal twintig man hebben, maakt dat ook makkelijker.” Wie in het verleden een keer onaangekondigd niet op de training verscheen, had de zekerheid dat hij in het weekeinde wel speelde. Jonckers: “Vaak waren we al blij met elf of twaalf man. Nu moet iedereen z’n beste beentje weer voorzetten, anders speelt een ander.”
En die oudere garde dan? Jonckers: “Die zagen ons enthousiasme ook en uiteindelijk stonden ze de eerste wedstrijd toch gewoon langs de lijn. Daar zijn we blij mee. Sowieso proef ik weer nieuw elan binnen de club. Voorheen stond er bij onze thuiswedstrijden meer volk van de tegenstanders rond het veld dan van onszelf. Nu spelen we weer echt thuis. Dat is mooi om te zien.”
De redding
Het samengaan van de twee teams is volgens Jonckers, ook bestuurlijk actief als secretaris, de redding van Blue Boys. “Anders waren we volledig kapot gelopen, nu hebben we weer toekomst.” Sportief kan het mogelijk dit seizoen al iets moois opleveren. “Of we het daadwerkelijk halen, weet ik niet, maar we moeten tot het einde meedoen om het kampioenschap. Dat durf ik wel te zeggen met deze selectie”, aldus Jonckers.
De Bos Bantema: “De grootste uitdaging voor mij was en is nog steeds om van twee verschillende teams één goed elftal te maken. Ik denk dat we al een heel eind op de goede weg zijn. Ik merk aan de spelers dat ze er allemaal zin in hebben.” De prestaties tot nu toe zijn vooral voor de uit het zondagteam overgebleven voetballers een bijzondere gewaarwording. “Dat merk je wel aan die jongens. We hebben dit seizoen nu al net zo vaak gewonnen als het zondagteam in de afgelopen twee seizoenen bij elkaar opgeteld. Er gaat een wereld voor hen open. En ook voor de mannen van de zaterdag, waaronder ikzelf, is dit toch wel genieten, hoor.”












