
“Jij verkoopt beleving, andere makelaars verkopen een huis.” Voor makelaar Beke Hendriksma is dit compliment van een klant een bevestiging van haar koers. “Ik verdiep mij als specialist graag in de historie van de bijzondere huizen en locaties waar ik bij betrokken ben.”
Het zijn vaak geen doorsneehuizen die Beke Hendriksma van Mijn Buitenplaats Makelaardij in Terwispel in portefeuille heeft. Zelf omschrijft ze haar specialiteit als landelijk en bijzonder wonen. Het gaat bijvoorbeeld om woonboerderijen, wâldhúskes, boerenspultsjes en landhuizen, maar ook om een oude school met meesterswoning, pastorie of een kerkje. “Ik was laatst betrokken bij de verkoop van de voormalige school met schoolmeesters woning op de Ulesprong in Tijnje. Van zo’n project geniet ik enorm.” Als makelaar verkoopt ze niet alleen woningen. Ze is ook erg actief als aankoopmakelaar, waarbij ze haar klanten begeleidt in het vinden van een woning. Een aanzienlijk deel van deze klanten komt van buiten Friesland, het zijn deels Friezen om útens die willen terugkeren naar het heitelân. “Maar het gaat ook om mensen die de drukte en de stress in het westen achter zich willen laten. ‘Liever dauw dan diesel’ noem ik dat. Ze werken een paar dagen per week thuis, de overige dagen reizen ze naar de Randstad.” Deze regio is dan heel geschikt: de snelwegen zijn dichtbij, er zijn goede voorzieningen en de snelle internetverbindingen op het platteland worden snel beter. “Soms is luisteren het eerste wat ze doen als ze uit de auto stappen. Of ze ook een snelweg horen.”
Het is een kapitaalkrachtige doelgroep, daar draait Beke niet omheen. Ze hebben iets te verkopen in het westen dat veel geld oplevert en kopen hier graag iets moois voor terug. “Meestal is er dan ook nog wel financiële ruimte voor een fikse verbouwing.” Potentieel aantrekkelijke woningen in het buitengebied hoeven daarom ook niet helemaal aan de verwachtingen te voldoen. “De locatie is belangrijker. Een woning kun je aanpassen, een locatie niet.” Een woning in het buitengebied moet ook niet te groot zijn. Een kavel van 3.000 à 4.000 vierkante meter is voor het gros van haar klanten ideaal, merkt Beke. “Tenzij ze paarden of schapen willen houden, dan is een grotere kavel nodig.”
Het zijn vaak geen doorsneehuizen die Beke Hendriksma van Mijn Buitenplaats Makelaardij in Terwispel in portefeuille heeft. Zelf omschrijft ze haar specialiteit als landelijk en bijzonder wonen. Het gaat bijvoorbeeld om woonboerderijen, wâldhúskes, boerenspultsjes en landhuizen, maar ook om een oude school met meesterswoning, pastorie of een kerkje. “Ik was laatst betrokken bij de verkoop van de voormalige school met schoolmeesters woning op de Ulesprong in Tijnje. Van zo’n project geniet ik enorm.” Als makelaar verkoopt ze niet alleen woningen. Ze is ook erg actief als aankoopmakelaar, waarbij ze haar klanten begeleidt in het vinden van een woning. Een aanzienlijk deel van deze klanten komt van buiten Friesland, het zijn deels Friezen om útens die willen terugkeren naar het heitelân. “Maar het gaat ook om mensen die de drukte en de stress in het westen achter zich willen laten. ‘Liever dauw dan diesel’ noem ik dat. Ze werken een paar dagen per week thuis, de overige dagen reizen ze naar de Randstad.” Deze regio is dan heel geschikt: de snelwegen zijn dichtbij, er zijn goede voorzieningen en de snelle internetverbindingen op het platteland worden snel beter. “Soms is luisteren het eerste wat ze doen als ze uit de auto stappen. Of ze ook een snelweg horen.”
Het is een kapitaalkrachtige doelgroep, daar draait Beke niet omheen. Ze hebben iets te verkopen in het westen dat veel geld oplevert en kopen hier graag iets moois voor terug. “Meestal is er dan ook nog wel financiële ruimte voor een fikse verbouwing.” Potentieel aantrekkelijke woningen in het buitengebied hoeven daarom ook niet helemaal aan de verwachtingen te voldoen. “De locatie is belangrijker. Een woning kun je aanpassen, een locatie niet.” Een woning in het buitengebied moet ook niet te groot zijn. Een kavel van 3.000 à 4.000 vierkante meter is voor het gros van haar klanten ideaal, merkt Beke. “Tenzij ze paarden of schapen willen houden, dan is een grotere kavel nodig.”








