Algemeen

Face to Face met Renske Holwerda: “Ik heb meer met ervaringen dan met spullen”

Door: Redactie

GORREDIJK - Ze heeft er jarenlang aan gewerkt. De eerste twee van zeven tiny houses staan er. Renske Holwerda is initiatiefnemer en drijvende kracht achter het project ‘TinySinneblom’ in Gorredijk. Wonen op 35 vierkante meter met weinig spullen in een sociale community is voor haar een bewuste keuze. Renske Holwerda kiest bewust voor sociaal en minimalisme. “Ik geef zo weinig mogelijk uit aan onzinspullen.”

Renske Holwerda
Renske Holwerda Foto: Martijn van der Vaart

Haar droomwoning met een bruto-woonoppervlak van 35 vierkante meter staat er inmiddels, maar Renske Holwerda (40) woont er nog niet. Het duurt misschien nog wel tot de volgende zomer voordat de nutsvoorzieningen zijn aangesloten. Tot die tijd woont ze tijdelijk in het centrum van Gorredijk. “Dat was bedoeld voor een jaar, het worden er waarschijnlijk twee.”

Graag overzicht houden
Het pad naar de ingang van haar toekomstige woning bestaat nu nog uit tegels in zwarte onbegroeide grond. Niet drie tegels breed volgelegd, maar enkele tegels op stapafstand van elkaar. Waarom meer tegels gebruiken als het zo ook kan? Het past bij de levenswijze die Renske al een aantal jaren heeft omarmd, zeker nadat ze in het najaar van 2015 voor het eerst kennismaakte met het fenomeen tiny houses.

Toen in Opsterland het thema tiny house ging leven, was ik er direct bij

Niet dat ze destijds in Den Haag groot woonde. “Ik heb eigenlijk altijd op maximaal vijftig vierkante meter gewoond. Alleen tussendoor in Bussum had ik een woning met vier kamers. Ik dacht soms dat ik daar gek werd, was regelmatig van alles kwijt. Ik hou van overzicht. Ja, dat is wel een persoonlijkheidsdingetje.”

Het enthousiasme voor het concept van tiny houses zat aanvankelijk niet eens zozeer in de duurzaamheidsgedachte. “Ik had eerst misschien een wat naïeve gedachte dat het wel handig zou zijn. Dat ik een tiny house mee kon nemen wanneer ik vanwege een andere baan of een relatie naar elders wilde verhuizen. Inmiddels weet ik dat het zo niet werkt.” Toen ze enthousiaster werd over de tiny houses kwam ook het besef dat ze dan wel terug wilde keren naar het rustige Friesland. Renske groeide op in Drachten, studeerde Nederlands in Groningen en woonde daarna op verschillende plekken in de Randstad. “Toen in Opsterland het thema tiny house ging leven, was ik er direct bij.”

Beginnen met ‘ontspullen’
In 2018 ging Renske vier maanden naar Spanje. Met alleen een rugzak als handbagage. “Achteraf had ik de helft van wat ik had meegenomen nog niet gebruikt. Eenmaal weer thuis ben ik anders tegen spullen aan gaan kijken. Ik vraag mij steeds af wat ik daadwerkelijk nodig heb. Na de reis begon ik langzaam maar zeker te ‘ontspullen’. Waarom al die boeken, cd’s en dvd’s bewaren, terwijl je tegenwoordig heel veel online kunt terugkijken of kunt beluisteren?”

Het door Renske gehanteerde minimalisme ontwikkelde zich tot een sport. Ze vroeg zich af waar ze zonder kon, maar ook welke spullen haar eigenlijk blij maakten. “Ik besloot dozen met spullen tijdelijk weg te zetten. Een trucje om te ontdekken. Als ik na een half jaar die doos nog niet had aangeraakt, dan kon ik dus ook wel zonder die spullen. Een klein voorbeeld zijn de drie taartvormen die ik had, terwijl ik misschien eens per jaar een keer een taart bakte. Die taartvormen waren dus overbodig.”

Veel buiten de deur
Het betekent ook afstand nemen van de gedachte dat iets ooit wel eens van pas komt of dat je misschien ooit wel eens een groot feest wilt geven of ooit wel eens een logé krijgt. “In de praktijk gebeurt dat heel weinig. Daar hoef je dus geen spullen voor aan te schaffen die je zelden gebruikt. Ik richt mijn leven thuis voortaan voor een groot deel op mijzelf in. Ik doe veel dingen buiten de deur en heb veel meer met ervaringen dan met spullen. Voor mijn verjaardag hoef ik geen cadeaus. Liever ga ik met een vriendin een avond uit eten. Over een paar jaar kan ik mij die avond nog wel herinneren, maar het cadeautje waarschijnlijk niet.”

Ik koop bewust. Ook bij apparatuur. Zo duurzaam en energiezuinig mogelijk

Gezien haar levensstijl is het duidelijk dat de kledingkast van Renske ook niet uitpuilt van ooit gedragen kleren. “Waarom zou je die bewaren? Ik koop weinig nieuwe kleren. Je doet mij geen plezier met een middagje shoppen. Ik draag bijvoorbeeld duurzame sokken die van oude visnetten zijn gemaakt. Die gaan lang mee.”

Strak weekbudget
Ook bij haar dagelijkse boodschappen let Renske scherp op wat ze koopt. Als haar salaris binnenkomt, verdeelt ze het geld direct in potjes. Voor de boodschappen hanteert ze een strak weekbudget. “Zo hou ik controle en geef ik zo weinig mogelijk uit aan onzindingen. Hamsteren is niet aan mij besteed.” Op deze manier leven geeft haar een goed gevoel. “Ik koop bewust. Ook bij apparatuur. Zo duurzaam en energiezuinig mogelijk. Niet alleen vanwege de financiën, maar ook vanwege het gevoel. Vanwege dat gevoel gebruik ik ook zo weinig mogelijk dierlijke producten.”

Drempels en eisen
Het is vanzelfsprekend dat haar afgelopen zomer geplaatste tiny house zo energiezuinig mogelijk is gebouwd met van alleen biobased materialen. Renske is blij dat haar tiny house er nu staat. Het was een lang traject met veel hobbels. “In de media verschijnen regelmatig berichten dat het concept tiny house niet het succes is wat werd verwacht. Maar dat ligt niet aan belangstellenden, die zijn er genoeg. Maar op veel plekken worden enorme procedurele drempels opgeworpen en veel eisen gesteld. Dan haken er ook mensen af, dat hebben we in Gorredijk ook gezien.”

Meer dan buren
Kleiner en bewuster leven met minder spullen is maar een deel van het project TinySinneblom. Er is voor Renske en haar medebewoners ook nog een andere belangrijk, sociaal aspect. “In Den Haag kende ik mijn eigen buren niet. Toen ik daar eens goed over nadacht vond ik dat best wel een eng idee. Stel je voor dat er eens een keer iets gebeurt. Ik zie mijzelf niet snel met iemand samenwonen en alleen wonen is ook niet gezellig, dus was ik op zoek naar een tussenvorm. Die vond ik in TinySinneblom.”

Voor mijzelf ligt de uitdaging in meer begrip hebben voor andersdenkenden

Aan de Sinneblom in Gorredijk is plaats voor zeven tiny houses, twee staan er. Voor de overige vijf woningen zijn de toekomstige bewoners bekend. De groep bewoners van TinySinneblom is divers, de leeftijd varieert van 24 tot 60 jaar. Renske: “Ze hebben verschillende achtergronden en levenservaringen. Maar het zijn wel allemaal mensen die bewust kiezen voor deze vorm van samenleven waarbij het belangrijk is om een beetje op elkaar te letten. We hoeven niet elkaars beste vrienden te zijn, maar we zijn wel meer dan buren. We hebben samen verantwoordelijkheden voor het project en delen bijvoorbeeld een gezamenlijke tuin. Maar we kunnen ook spullen delen.”

Leven in community
Toelating van een nieuwe bewoner kan pas als alle andere bewoners akkoord zijn. “Het moet klikken. Je leeft in een community, er wordt van iedereen een bijdrage verwacht. Dat is ook de uitdaging voor de komende jaren. Iedereen op één lijn krijgen is soms lastig en gaat uiteindelijk bij meerderheid van stemmen. Het is een leuke en ook leerzame uitdaging. In zo’n community moet je wel bereid zijn als mens te groeien. Je moet open staan voor andere mensen en andere meningen. Ik leef zelf net als zoveel mensen in een eigen bubbel. Voor mijzelf ligt de uitdaging in meer begrip hebben voor andersdenkenden. Daar word ik in deze samenlevingsvorm ook wel toe gedwongen. Ik houd ervan om alles onder controle te hebben, dat zal in de community minder lukken. Maar ik denk dat het wel goed voor mij is. Ik zie het leven in de community als een verrijking van mijn leven.”

Geen garantie voor succes
De uitgangspunten zijn geen garantie voor succes. Dat heeft Renske ook wel van andere tiny house communities gehoord. “Er is mij al verteld dat er drie risicofactoren zijn: machtsverschillen, gedoe over geld of dat er onderling relaties tussen bewoners ontstaan. De community is een dynamisch geheel. We gaan zien hoe het zich verder ontwikkelt.”

Spannende ontwikkeling

De bewoners zijn al met elkaar in gesprek over de gezamenlijke activiteiten en de inrichting van het gezamenlijke perceel van 300 vierkante meter. Renske: “Ik ben heel erg voor het stimuleren van biodiversiteit, ook bij de inrichting van mijn eigen tuin. Maar ik ontdek al dat de een daar meer mee bezig is dan de ander. Dat heeft denk ik ook te maken met het feit dat nog niet iedereen hier al woont. Deelnemers zijn nu nog erg op hun eigen stuk gericht. De community kan pas echt beginnen te leven wanneer iedereen hier woont. Dat wordt toch de lakmoesproef. We hebben bewust voor deze manier van wonen gekozen, dat moet voldoende basis zijn. Maar persoonlijk vind ik het nog wel spannend of iedereen ook voldoende beseft wat deze manier van wonen inhoudt.”

Beeld: Martijn van der Vaart
Tekst: Arend Waninge