Algemeen

Sjoerdtsje Veenstra: “Friesen passen zich te snel aan”’

Door: Redactie

Dit is de Nederlandse vertaling van een volledig in het Fries geschreven interview dat is gepubliceerd in het oktobernummer van GrootSa!.

Afbeelding
Martijn van der Vaart

De plek waar Sjoerdtsje Veenstra-Paulusma (78) samen met haar man Wiebe woont, is prachtig. Het huis ligt midden in Ureterp, aan de rand van een park. Ze kwamen er in het begin van de jaren negentig terecht, toen ze op zoek waren naar een nieuwe woning buiten Drachten. "We wilden graag weer in een dorp wonen. Wiebe komt uit Nij Beets en ik uit De Tike."

Meester De Jong

Sjoerdtsje spreekt vol warmte over haar school in De Tike en vooral over meester De Jong – de man die haar in de jaren vijftig op de lagere school Fries leerde. "Het was een tijd waarin Fries nog geen verplicht schoolvak was. Maar onze school was een van de acht proefscholen voor Fries onderwijs. De meester vond het Fries belangrijk; hij schreef zelfs boeken in die taal. Elke vrijdagmiddag kregen we een uur les in het Fries. We leerden lezen en schrijven in onze eigen taal." Het was ook meester De Jong die haar aanmoedigde om de letters ‘s’ in haar naam op te nemen. Sjoerdtje werd Sjoerdtsje. Misschien was dat wel het zaadje waaruit de sterke verbondenheid met de Friese taal en cultuur is gegroeid – een band die ze haar hele leven met zich mee heeft gedragen.

Nieuwe spelling

Vanaf de jaren tachtig gaf Sjoerdtsje cursussen Fries – niet alleen aan Friestaligen, maar ook aan niet-Friestaligen. In de loop der jaren volgden maar liefst vier Opsterlandse burgemeesters les bij Sjoerdtsje. Wim Cornelis, Francisca Ravestein, Ellen van Selm en Andries Bouwman kregen allemaal les van haar.

De invoering van de nieuwe Friese spelling begin jaren tachtig bracht Sjoerdtsje ertoe zelf weer de schoolbanken in te gaan. "Er veranderde zoveel. En ik wilde niet analfabeet raken in mijn eigen taal." Ze volgde een lerarenopleiding aan de NHL en ging vervolgens aan de slag bij de Afûk. "Lesgeven aan volwassenen lag me beter dan voor de klas staan op een middelbare school. Dat vond ik lastig."

Ontslag dreigde

Lesgeven was eigenlijk niet wat Sjoerdtsje als jong meisje voor ogen had. Na de lagere school ging ze eerst naar de huishoudschool. "Ik ben de oudste van zeven kinderen, maar van meisjes werd niet verwacht dat ze verder zouden leren. Ze zouden toch wel trouwen." Sjoerdtsje was vijftien toen ze achter de toonbank bij De Gruyter in Drachten ging werken. Dat was de tijd dat veel producten nog in de winkel werden afgewogen. Later werkte ze nog korte tijd in een kledingzaak. Maar haar droom was om verpleegkundige te worden.

Ze begon aan de opleiding. "Ik vond het geweldig," zegt ze over die tijd. Maar halverwege de opleiding raakte Sjoerdtsje onverwacht zwanger. De maatschappij was in die tijd onverbiddelijk; zwanger worden betekende trouwen – en je baan verliezen. Sjoerdtsje mocht de opleiding niet afmaken. "Ik zie het moment dat ik de deur achter me dichttrok nog zo helder voor me. Ik heb er altijd spijt van gehad. Ik ga nog steeds naar de reünies van de verpleegkundigen van die opleiding."

Sjoerdtsje en haar man Wiebe kregen vier kinderen: twee jongens en twee meisjes. Ze groeiden op in Drachten, waar Wiebe de kost verdiende als leraar Duits. "Hij had ook gesolliciteerd op een baan in Rotterdam. Ik ben zo blij dat dat niet is doorgegaan."

Aanpakkers

Sjoerdtsje komt uit een familie van aanpakkers. De familie Paulusma was actief in de transportsector. Haar grootvader begon met een hondenkar en gebruikte later een paard om een vrachtwagen te trekken. Haar vader vervoerde vee. Hij ging op dinsdag naar de markt in Sneek en op vrijdag naar Leeuwarden. Het ophalen van het te verkopen vee en het vervolgens afleveren van de verkochte dieren zorgde voor lange dagen. "Maar niemand telde de uren."

Toen de kinderen ouder werden en Sjoerdtsje wat meer vrije tijd kreeg, wilde ze haar studie weer oppakken. Ze had een sterke behoefte aan persoonlijke ontwikkeling. Gelukkig kwam in die tijd de ‘moedermavo’ – een vorm van zogeheten ‘tweedekansonderwijs’ – op. Sjoerdtsje: "Ik haalde eerst drie vakken, daarna nog eens drie, en wilde vervolgens doorgaan met de ‘moederhavo’; maar toen raakte ik enorm geïnteresseerd in de Friese taal en ben ik daarmee verdergegaan."

Op Terschelling

Jarenlang liet Sjoerdtsje niet-Friestaligen kennismaken met de prachtige Friese taal. Sjoerdtsje vertelt vol enthousiasme over een cursus voor burgemeesters en gemeentesecretarissen die op de volkshogeschool op Terschelling werd gehouden. "Het leek wel een schoolreisje." Een intensieve vijfdaagse cursus Fries – maar vaak slaagden de bestuurders er niet in om daadwerkelijk en blijvend op het gebruik van de taal over te stappen.

"In het begin zijn ze op dat vlak vol idealen. Maar de werkelijkheid blijft vaak achter bij de verwachtingen. Wat ik het belangrijkst vind, is dat ze Fries kunnen verstaan – zodat elke burger die contact heeft met een bestuurder, gewoon zichzelf kan zijn. En laten we niet vergeten dat bestuurders een publieke rol vervullen. Iedereen kijkt naar hoe ze zich gedragen, en wij maken het hun ook niet altijd gemakkelijk."

Onbeleefd?

Hier snijdt Sjoerdtsje een gedrag aan dat veel Friezen vertonen – en dat haar echt dwarszit. "Als onze gesprekspartner ook maar drie woorden in het Nederlands zegt, schakelen wij meteen over. Het is er bij ons ingehamerd dat het onbeleefd is om in onze eigen taal door te gaan. Meestal merk ik het wel als dat gebeurt, maar houd ik me stil. Ik wil mensen er niet altijd op aanspreken. Maar het stoort me wel."

Haar belangrijkste boodschap: "Wij Friezen passen ons te snel aan. Dat maakt het voor niet-Friestaligen alleen maar lastiger. En als we gaan lachen wanneer het in het begin wat stuntelig klinkt, zullen ze wel twee keer nadenken voordat ze opnieuw proberen Fries te spreken." Ze begrijpt ook niet waarom zoveel Friezen in winkels automatisch Nederlands gaan spreken – om er vervolgens achter te komen dat beide partijen eigenlijk Fries spreken. Of waarom sprekers tijdens vergaderingen automatisch overschakelen op het Nederlands. "Ik zou niet weten waarom. Zelf begin ik altijd in het Fries. Je ziet vaak dat mensen wel degelijk begrijpen wat er gezegd wordt."

Voordelen van meertaligheid

Al met al is Sjoerdtsje Veenstra niet erg optimistisch over de toekomst van haar moedertaal. "Ik vrees dat over twee generaties niet veel mensen meer Fries zullen spreken." Ze heeft ook een idee voor een oplossing: ouders moeten worden overtuigd van de voordelen van meertaligheid. "Het is al lang wetenschappelijk bewezen dat meertalige kinderen over veel betere taalvaardigheden beschikken. Het is zo jammer dat ouders zich daar niet van bewust zijn en dat Friestalige ouders hun kinderen soms in het Nederlands opvoeden. Ze denken dat ze hun kinderen daarmee helpen, maar eigenlijk doen ze hen tekort."

Op de vraag of Friezen wat trotser zouden moeten zijn op hun taal en cultuur, aarzelt Sjoerdtsje even. Ze is bang dat het gebruik van het woord ‘trots’ het gesprek in nationalistische sferen zou kunnen trekken. "Ik ben daar gevoelig voor. Je moet jezelf nooit boven anderen stellen. Maar we hebben zeker ook geen reden om ons te schamen voor onze taal en cultuur. Het Fries is de oudste taal van ons land."

Smeuïge verhalen

Fries begrijpen is vaak wel te doen en spreken is lastiger, maar Fries lezen en schrijven is voor velen – zelfs voor moedertaalsprekers – vaak een brug te ver. Volgens Sjoerdtsje heeft dit ook te maken met het aanbod aan Friese boeken. "Boeken zijn belangrijk voor elke taal. Het uitgeven van boeken wordt echter steeds lastiger; financieel is het nauwelijks rendabel. Naar mijn mening moet het aanbod meer vermaak bieden. Friese boeken stonden lange tijd bekend om hun ietwat smeuïge verhalen. Dat is wat we nodig hebben – naast romans en detectives. Niets te zwaar, maar wel vermakelijk."

Volgend jaar viert Afûk, uitgever van Friese boeken en promotor van de Friese taal, zijn honderdjarig bestaan. Ter gelegenheid daarvan verschijnt een boek met verhalen over vriendschap, waaraan ook Sjoerdsje Veenstra bijdraagt. "Omdat het lesgeven in het Fries me zoveel heeft gebracht. Ik heb mensen ontmoet die ik anders nooit was tegengekomen, en het heeft geleid tot prachtige vriendschappen."