Cultuur

Organist Anton van der Meulen: ‘Moai as de minsken mei-jubelje’

Door: Redactie

TIJNJE Buiten de kerk aan de Rolbrêgedyk hangen ballonnen en de grote cijfers 50. Vrijdagavond vierde Anton van der Meulen het feit dat hij al vijftig jaar organist is van de Protestantse Gemeente Tijnje-Terwispel. “Ik sit it leafst achter de gerdyn- tsjes fan it oargel.”

Anton van der Meulen bespeelt al vijftig jaar het kerkorgel in Tijnje.
Anton van der Meulen bespeelt al vijftig jaar het kerkorgel in Tijnje. Foto: Remco Hofman

In het donker is van verre duidelijk dat er iets te gebeuren staat in Tijnje. Tussen de flarden mist en de aardedonkere weilanden lichten de felverlichte ramen van het witte kerkje op. Een baken van licht voor de verdwaalde reiziger. Om even voor acht uur gaan de deuren open en loopt de kerk langzaam vol met belangstellenden. Een enkele laatkomer vindt bij aanvang van de dienst nog een plekje als iedereen een beetje opschuift. De muren zijn versierd met feestelijke vlaggetjes en ballonnen. Buiten is het donker en waait een frisse wind over het kale land. Binnen staat de kachel behaaglijk aan. 

Dominee Verbaas schetst vooraf de verhouding tussen predikant en organist. Daar kan wrijving ontstaan: “De organist vindt de predikant vaak ouderwets en kijkt veelvuldig op zijn horloge tijdens een weinig spannende preek.” Maar Verbaas beklemtoont dat er met Anton nooit wrijving is geweest, waarop de dominee Anton aanmoedigt op te gaan voor het zestigjarig jubileum. “Een organist kent immers geen pensioengerechtige leeftijd en gaat door zolang zijn benen hem naar het orgel kunnen dragen.”

Dynastie van organisten

Vervolgens zingt het Mannenkoor Manna met leden uit Tijnje, Oudehorne en Boornbergum samen met het Urker Mannenkwartet uit volle borst enkele liederen, terwijl Anton en zijn zoon Hielke hen begeleiden op het orgel. Daarna zet kerkrentmeester Andries Hoekstra Anton en zijn vrouw Wiesje letterlijk in de bloemetjes. Anton komt uit een zeer muzikaal gezin; vader Hielke (84) was ook jarenlang organist. Een dynastie van organisten. Anton kreeg zijn eerste orgelles toen hij zeven jaar oud was en speelde op zijn elfde al op het orgel in de kerk. Antons buurmeisje Wiesje had al vroeg een oogje op hem en nam daarom orgelles bij hem, dan kon ze naast hem zitten. “Wiesje schoof elke les een stukje dichter naar Anton toe.” 

Feest tijdens dienst

Het cadeau voor de jubilerende organist is een optreden van het Urker Mannenkwartet. In traditionele roodgestreepte Urker visserskielen zingen ze luidkeels enkele liederen die Anton na aan het hart liggen. Hoekstra richt zich tot Anton: “Jij brengt feest tijdens de kerkdienst. Je verdient een lintje, maar daar ga ik niet over.” Na alle gezang en toespraken richt de hoofdpersoon van de avond zich tot de volle kerk. Spreken in het openbaar vindt hij maar niks. “Ik sit leaver achter de gerdyntsjes fan it oargel, mar ik moat sizze dit is wol foar ‘herhaling vatbaar’.” Vader Hielke van der Meulen (84) uit Terwispel glimt na afloop van trots en legt graag nog eens uit wat voor familie de Van der Meulens zijn: “Wy binne oargelgekken. Doe’t Anton acht jier wie, koe hy al meispylje as wy in plaat opsetten.” 

Moai sjonge

Nadat de bezoekers Anton en Wiesje hebben bedankt, volgt een uitgebreide borrel. En dan heeft Anton eindelijk zelf even tijd om de avond te laten bezinken. Hij legt uit waar hij het meeste van geniet als organist: “As minsken mei-jubelje en as se sizze dat de preek net folle oan wie, mar dat se wol moai song ha.” Een concreet advies voor beginnende organisten heeft hij niet, maar veel oefenen is volgens hem de basis. Vroeger als jongen speelde hij dagelijks wel vijf uren thuis op het orgel. “Oefenje is alles!” 

Over stoppen heeft hij eigenlijk nog niet echt nagedacht, maar hij bekijkt zijn handen en vingers eens kritisch. Naast organist is hij ook al veertig jaar kraanmachinist. Zijn handen en vingers maken dus elke dag overuren. “Myn fingers wurde wol wat stram, mar dat sjogge wy by it folgjende jubileum dan wol wer.”