
Jan van der Zee is een kritische en onderzoekende dierenarts. Hij stelt vraagtekens bij sommige van de huidige behandelmethoden en bij sommige diergeneesmiddelen. “Wij moeten van gangbare medicijnen af en op zoek naar alternatieven. Het gaat niet goed. Resistentie als gevolg van bijvoorbeeld antibiotica en pesticiden zien we hier nu al.” Van der Zee is aangesloten bij de internationale organisatie Natural Livestock Farming. Met een groep dierenartsen bezocht hij afgelopen zomer boeren in de buurt van Addis Abeba, de hoofdstad van Ethiopië. Samen inventariseerden ze de belangrijkste reden voor uitval bij het vee.
De boeren waren van hun oorspronkelijke land verdreven en werkten onder verre van optimale omstandigheden. De voervoorziening en huisvesting van het vee waren gebrekkig. Er was bijvoorbeeld te weinig ruwvoer. ”En omdat koeien herkauwers zijn, geeft dat problemen met bijvoorbeeld lebmaagdraaiingen. In Nederland zie je dat als gevolg van te veel krachtvoer, In Ethiopië dus bij een gebrek aan voldoende.” De lebmaag vastzetten, zoals in Nederland gebeurt, kan in Afrika niet. Maar door de koe over de rug te rollen komt de lebmaag weer op de juiste plek. De uierziekte mastitis is ook in Ethiopië een hardnekkig probleem. “Op de markt hebben we naar de juiste kruiden gezocht die bij een recept uit India horen. Zo kunnen boeren zelf medicijnen maken.”
Deze aanpak past goed bij Jan zijn filosofie. “We moeten de boeren daar helpen om zichzelf te redden. Ze moeten niet afhankelijk zijn van het westers infuus.” Hij vindt het bijvoorbeeld niet goed om Europese koeien zomaar naar Afrika te exporteren. “De omstandigheden zijn daar heel anders. Onze koeien kunnen het daar vaak niet bolwerken en zijn dan weer afhankelijk van westerse medicijnen. In die gevallen helpen wij onszelf meer dan dat de Afrikaanse boeren er iets mee opschieten.”
De inzichten in het Ethiopische project konden de dierenartsen dankzij veel lokale contacten direct overbrengen op de beleidsmakers. “Dan dringt het dieper door en kan het effect hebben. Het is belangrijk dat de overheid ziet dat boeren voedsel produceren en dat ze leverancier zijn van hoogwaardige eiwitten. Dat is een nationaal belang dat vraagt om landbouwkundige en veterinaire ondersteuning.”
Jan van der Zee begeleidt vanuit de dierenartsenpraktijk in Beetsterzwaag zowel biologische als reguliere melkveehouders. “Ik dring mijn gedachten niet op, maar promoot wel zoveel mogelijk preventie. Door de dieren onder de juiste omstandigheden te houden en via entingen te wapenen, dring je het medicijngebruik terug.”









