Sport

Wordt Kwiek: tijdperk afgesloten

Het zonnetje schijnt zondag heerlijk over het immense sportveld aan de Leidijk. De spelers van Wordt Kwiek rollen zelf de lijnen van het veld uit voor hun laatste officiële optreden als eerste team in het prestatiekorfbal. Een groepje supporters druppelt binnen. “Vroeger stonden er honderd of zelfs honderden mensen langs de lijn”, blikt Arie Koopmans terug op de glorietijd van de club. Dat was in de jaren tachtig en negentig. “Nu moeten we het doen met één of misschien twee handjesvol. Wordt Kwiek is inmiddels een kleinere vereniging.” Feiko Mulder herinnert zich nog een afgeladen Expansiehal voor een clash met de buren van Blauw Wit uit Heerenveen. “De videoband van die wedstrijd heb ik, toen ik klein was, echt honderd keer bekeken. Dat was een schitterende tijd. Korfbal leefde enorm, WK leefde enorm.”

Afbeelding
Het is zeker niet het einde van de club. Maar Wordt Kwiek speelt komend seizoen niet meer met een eerste seniorenteam in de standaardklassen van het korfbal en dat doet best een beetje pijn. “Al is het nu eigenlijk eerder berusting, dit zat er al heel lang aan te komen.”

Dat is dus niet meer het geval. Een jaar of zes geleden luidde Koopmans de noodklok. “Zoals het toen ging, kwam zelfs het honderdjarig jubileum van de vereniging in gevaar.” Dat feestje vierde Wordt Kwiek vorig jaar nog uitbundig, maar een jaar later gaat de stekker uit het prestatiekorfbal. Niemand die dat overigens de spelers en speelsters van het eerste verwijt. Koopmans: “De mannen in het team zijn allemaal dertig-plus. Je moet er een keer een streep onder zetten. Ik snap hun keuze heel goed. Het grote probleem is dat er geen aanvulling van onderaf is.” Wordt Kwiek heeft wel jeugd, maar bijvoorbeeld van de A-junioren vertrekt in de zomer zo’n 75 procent naar elders. “We hebben daardoor een gigantisch gat.” Mulder hield zo’n beetje hoogstpersoonlijk nog jarenlang het eerste team overeind door mensen van buitenaf binnen te hengelen. “Maar als je elk jaar een klein stapje terug moet doen, loopt de schade steeds sneller op. En het moet bij een eerste team ook wel ergens over gaan. De laatste tijd was de intensiteit al veel minder.” Trainingen werden geschrapt en als ze doorgingen, was de opkomst meestal minimaal.

Het is wat het is
Schelte Meinsma, met zijn 35 jaar de oudste speler, ziet nog wel een belangrijk verschil met toen hij senior werd. “Nu gaan ze, als ze 17 of 18 jaar zijn, studeren en vliegen ze weg. Ik kwam in die tijd gewoon elke week een paar keer op en neer naar Jubbega. Ik had de absolute wil om een goede korfballer te worden en op hoog niveau te spelen.” Mulder heeft zich inmiddels neergelegd bij dat gegeven. “Het is wat het is.” Van de oude garde heeft Mulder naar eigen zeggen geen wanklank over het stoppen gehoord. Koopmans kent wel de teleurstelling bij eerdere generaties. “Maar de vereniging blijft. We hebben nog altijd tien jeugdteams in competitie, dus wie weet wat de toekomst brengt.” Hij verwijst naar UDIROS, dat na succesvolle seizoenen in de jaren negentig ook stopte met prestatiekorfbal. De club uit Nieuwehorne is inmiddels weer een keurige tweedeklasser. “Een dergelijk scenario zou hier ook mogelijk zijn.”

Laatste wedstrijd of niet; het fanatisme bij Wordt Kwiek is er zondag niet minder om. Voor tegenstander WSS uit Oude Pekela staat er nog het nodige op het spel. Bij winst zijn de Groningers zeker van lijfsbehoud in de tweede klasse, maar kort voor tijd schiet Femke Mulder vanaf de strafworpstip de 17-17 op het scorebord. “Allemaal leuk en aardig, maar je laatste wedstrijd wil je niet verliezen”, zegt haar broer. Voor de Mulders zit er nog een treurig randje aan de middag. Hun beppe van 84 jaar is normaal gesproken nog altijd een trouwe supporter, maar enkele dagen eerder is ze onwel geworden en daardoor verblijft ze in het ziekenhuis. “Dat ze uitgerekend bij deze wedstrijd er niet bij is, is ontzettend jammer.”

Overleven
Om 15.53 uur komt er een einde aan het prestatiekorfbal in Jubbega. Het bijna 102-jarige Wordt Kwiek ontbreekt voortaan op de uitslagenpagina’s van regionale kranten of websites. “Het zal even wennen worden dat de zondagmiddag niet meer om het eerste team draait”, aldus Koopmans. “De pijn heeft inmiddels plaatsgemaakt voor berusting, dit zat er al heel lang aan te komen. We moeten nu zorgen dat we overleven, dat de vereniging gezellig blijft en hopen op een nieuwe generatie die het weer gaat doen.”

Mulder weet nog niet wat hij met zijn vrije weekenden gaat doen. “Ik heb in de winter nog gesproken met Ronald Klos, de nieuwe trainer van UDIROS. Dat heb ik serieus overwogen. Maar bij de eerste wedstrijd die ik daarna speelde had ik ineens het gevoel dat ik helemaal niet meer wilde. Dat had ik nog nooit gehad en toen was voor mij duidelijk dat het na twaalf jaar in het eerste hier gewoon klaar is. Ik ga lekker in de midweek spelen. Al zal de voldoening daar anders zijn. Dat is prima. Het is gewoon mooi geweest. Simpel.”