
Fardau de Boer korfbalt op hoog niveau. Ze heeft het eerste jaar in de A1-junioren van DOS’46 achter de rug. Ze gaat bij de korfbalclub in het Drentse Nijeveen voor het allerhoogste.
Fardau studeert in Groningen, waar ze een opleiding fysiotherapie volgt. Ze woont nog bij haar ouders in Hemrik. Naast haar studie traint ze twee keer in de week in Nijeveen, terwijl ze in het weekend door het hele land reist voor het spelen van wedstrijden. Een druk bestaan dus, maar ze gaat er vol voor: “Je wilt laten zien dat je goed bent.”
Hoe ben je bij DOS terechtgekomen? “Ik speelde eerst bij WWMD in Hemrik. Maar daar viel het team een beetje uit elkaar en konden we niet meer heel hoog spelen. Daarom ben ik toen overgestapt naar Drachten, waar ik vijf jaar heb gespeeld. Vorig jaar was het voor mij tijd om opnieuw een overstap te maken. Ik heb het in Drachten geweldig gehad, maar op een gegeven moment merk je dat je meer wilt. Ik speelde ook in Oranje en al mijn teamgenoten daar speelden op het hoogste niveau, terwijl ik een klasse lager speelde. Ik wil het allerbeste uit mezelf halen en daarom was het noodzakelijk om hoger te gaan spelen.”
Was LDODK, dicht bij huis, dan geen optie? “Ze hebben wel belangstelling getoond, maar DOS speelde ook bij de junioren op het hoogste niveau en draaide in de top mee. De A’s van LDODK speelden in de zaal een niveau lager en ze hebben ook gewoon een minder goed team staan. Ik wil op het hoogste niveau spelen. En ik ben het wel gewend om langer te reizen, dat moet ik naar school ook al. Hemrik ligt dan niet echt gunstig. Ik neem altijd mijn sporttas mee naar school en reis vanaf daar naar Nijeveen. Dan maak je lange dagen en dat bijna de hele week door. Ik train op dinsdag en donderdag, maar ook op maandag voor selectie Noord. Daarnaast volg ik een pittige studie en was het vorig jaar pas mijn eerste jaar. Best hectisch dus, maar ik heb geen spijt van mijn overstap.”
Het lijkt me inderdaad een druk bestaan. “Vooral het begin was erg stressvol. Ik moest erg wennen, het korfballen liep niet zoals ik wilde, ik raakte geblesseerd en het was ontzettend druk op school. Ik zit wel in een speciale topsportklas die rekening houdt met mijn trainingen en wedstrijden. Maar ondanks dat was het in het begin allemaal net iets te veel. Uiteindelijk ging het wel, maar het had tijd nodig.”
Je zal wel weinig vrije tijd overhouden. “Dat is ook zo. Door de drukte met school en sport ga ik niet vaak meer op stap. Maar ik haal plezier uit mijn sport en vind het daarom geen ramp. Ik heb ook minder tijd om met vriendinnen af te spreken en dat vind ik wel jammer. Gelukkig accepteren ze het wel en als ik er ben, vinden ze het extra leuk.”
Droomde je als klein meisje al van sporten op hoog niveau? “Jazeker. Ik was heel sportief: deed aan korfbal, dansen, turnen, ik heb gezwommen en heb zelfs een aantal lessen geschaatst. Maar toen ik op mijn elfde bij de Friese jeugdselectie van korfbal kwam, had ik mijn keuze gemaakt. Ik vond het geweldig en besefte toen eigenlijk dat ik het echt goed kon.”
Je hebt dus eigenlijk een droom verwezenlijkt. “Daar ben ik ook best trots op. Je mag best blij zijn met wat je hebt bereikt. Maar het is niet zo dat ik naast mijn schoenen ben gaan lopen. Ik ben juist misschien wel té bescheiden. Ik heb twee jaar bij Oranje gezeten, samen met spelers uit alle hoeken van het land. Sommige jongens en meisjes daar hebben meer zoiets van ‘kijk mij nou’. Dat is de andere cultuur, dat mag ook, maar voor mijzelf niet te veel.”
Wat zijn je specifieke doelen de komende jaren? “Ik wil de top halen. Dat is voor mij de Korfbal League en uiteindelijk de finale om de landstitel in de Ziggo Dome. Dat lijkt me geweldig. Ik wil ook graag in het Nederlands team komen. Het is erg jammer dat ik niet meer in Oranje onder 19 zit.”
Voor je land spelen is het mooiste wat er is? “Precies. Ik had echt gehoopt dat ik er weer bij zou zitten, maar ik paste niet in het beeld van de bondscoach. Dat is zuur, maar het hoort bij topsport. Ik ga nu niet lopen zeuren, je moet het accepteren. Ik ga er echt voor werken om volgend jaar wel in Oranje te komen. Je mag je land vertegenwoordigen op een WK en dat is heel bijzonder. Ik ben twee keer wereldkampioen geworden, dat gevoel wil je gewoon weer.”
Staat het sporten in de vakantie stil? “Vakantie is lekker, rust is ook belangrijk. Maar ik zit niet stil. Ik ga nu veel met mijn zus, die ook korfbalt, naar de sportschool om fit te blijven. Daarnaast korfballen we ook veel in de tuin. Het is belangrijk om actief te blijven.”
Omdat je dan je doelen beter kan halen? “Dat heeft er zeker mee te maken. Volgend seizoen ben ik voor het laatst junior, ik wil daarom komend seizoen alvast een beetje aan de selectie ruiken. Ik denk dat ik het niveau aan zou kunnen. Bovendien moet je gewoon ervaring opdoen, wil je mee kunnen. Als ik die subdoelen niet haal, wordt het ook moeilijk om de grote doelen te halen.”












