Sport

Vrouwenvoetbal steeds populairder

Bij voetbalvereniging Bakkeveen loopt al jaren een dameselftal rond. En niet alleen met speelsters uit het dorp zelf, vertelt trainer Marcel Kamping. “Onze dames komen uit de hele regio. Van Drachten tot Oosterwolde.”

Afbeelding
Landelijk voetballen er wekelijks zo’n 130.000 vrouwen en meisjes in clubverband en dat worden er steeds meer. Vrouwenvoetbal is helemaal ingeburgerd, ook in de regio Opsterland. “Het voegt echt iets toe aan de vereniging.”

En het dameselftal is min of meer zelfvoorzienend, aldus Kamping, die de ploeg van zo’n 17 speelsters samen met David Gegúndez Pérez onder zijn hoede heeft. “Het mooie is dat de meiden zelf steeds nieuwe voetbalsters meenemen. Daar hoeft de vereniging Bakkeveen weinig voor te doen. Wij zijn misschien wel de meest constante factor binnen de club. Er is weinig verloop en anders vangen we dat zelf weer op.”

Goede bedoelingen
Voetbalvereniging Gorredijk is een van de laatste clubs in de regio die het zonder vrouwenelftal moet stellen. In de loop der jaren is er wel meerdere keren geprobeerd een damesteam op te zetten, maar die goede bedoelingen strandden vaak nog in het seizoen. Maar daar gaat serieus verandering in komen, als het aan Jildert Bilstra ligt.

“Ik was trainer bij de D-pupillen en daar speelde ook een meisje in. Zij vond het jammer dat ik het jaar erna niet meer haar trainer zou zijn. Toen riep ik ‘als jij een meidenteam regelt, word ik jullie trainer’. Nou, daar is ze mee aan de slag gegaan en na de zomer stond er ineens een groep van veertien meisjes die wilden voetballen.”

Bilstra voegde de daad bij het woord en twee keer per week ging hij aan de slag met de groep, die inmiddels is uitgegroeid naar zo’n twintig speelsters. “In een heel seizoen zie je al enorme verbeteringen. We pakken het ook serieus aan, bijvoorbeeld met een keeperstrainer er bij. Helaas, we winnen nog niet zo vaak, maar sommige meiden begonnen echt vanaf nul. Als je dan ziet wat ze nu toch al kunnen, dat is prachtig.”

Dorpencompetitie
Bakkeveen speelt geen competitiewedstrijden onder de vlag van de KNVB, maar heeft ervoor gekozen om met een aantal buurtclubs een alternatieve competitie op te zetten: de damesdorpencompetitie. Kamping: “Wij hebben heel wat speelsters die bijvoorbeeld in de zorgsector werken, met ook regelmatig weekenddiensten. Voetballen op zaterdag was niet te doen.” Aan de andere kant wilden de vrouwen van Bakkeveen meer dan alleen maar trainingen afwerken. “Toen ontstond het idee om doordeweeks wedstrijden te gaan spelen. En er bleken meer teams te kampen met het probleem om op zaterdag een elftal bijeen te krijgen.”

Inmiddels zijn er twee seizoenen dorpencompetitie gespeeld – telkens in een competitie van vijf – en beide keren werd Bakkeveen kampioen. “Ons spel is heel behoorlijk”, vindt Kamping. “Al spelen we onze betere wedstrijden wel tegen de teams die ook graag willen voetballen.”

Bakkeveen heeft niet de ambitie om ergens in de komende jaren de overstap te maken naar het reguliere competitievoetbal. Kamping: “Waarom zouden we? Deze oplossing werkt voor ons perfect. De KNVB wil inmiddels ook meewerken aan een doordeweekse competitie, maar wij houden het liever in eigen hand.”

De voorbereidingen voor seizoen drie zijn inmiddels in volle gang. “De teams die afgelopen jaar meededen, doen in principe weer mee. En we hopen dat andere clubs ook zin hebben om mee te gaan doen. Want het is een heerlijke competitie”, aldus Kamping, die zelf na twee jaar ook nog geen genoeg heeft van het werken met de Bakkeveenster dames.

“Ik heb ooit eens geroepen dat wanneer er binnen Bakkeveen een vrouwenteam zou komen, ik daar wel trainer van zou willen zijn. Het leek me geweldig, al die vrouwen om me heen. Toen het daadwerkelijk zover was, wisten ze me direct te vinden. En ik heb er echt geen spijt van. Het enthousiasme is groot en je krijgt als trainer echt waardering voor wat je doet. Ook binnen de club horen de vrouwen er helemaal bij.”

Minder zeuren
Bilstra is al net zo enthousiast. “Het is natuurlijk anders dan het trainen van een mannen- of jongensteam. Bij vrouwen blijven onderlinge irritaties soms wat langer hangen. Maar over het algemeen zeuren ze minder en doen ze dingen zonder elke keer ‘ja, maar…’.”

Hij hoopt de damestak bij Gorredijk de komende jaren flink uit te kunnen bouwen. “Droom is natuurlijk om van deze groep B-junioren straks een mooi eerste team te vormen. Dat is ook wel de ambitie die ik bij de meisjes zelf proef. Ze gaan ervoor.”

Daarnaast streeft Bilstra ernaar dat er over een paar seizoenen in elke leeftijdscategorie een meisjesteam actief is binnen Gorredijk. “Die potentie is er zeker. Volgend jaar hopen we een tweede elftal in te kunnen schrijven. Vrouwenvoetbal is gewoon populair en dat blijft ook maar groeien. Dat is een mooie basis om als club op door te bouwen .”

Van de sceptische benadering die er in het begin was over Bilstra’s project is niks meer over. “Er waren mensen die dachten dat de meiden binnen paar maanden wel weer verdwenen zouden zijn, zoals al die keren daarvoor. Maar deze groep is hecht, fanatiek en echt betrokken bij de vereniging. Ze zijn bij alle activiteiten aanwezig en veroveren zo echt hun plekje. En voor de dynamiek van de vereniging is dat alleen maar mooi volgens mij. Vrouwenvoetbal voegt echt iets toe.”