
Het had een van de mooiste weken in de schaatscarrière van Reina Anema uit Gorredijk moeten worden. Ziekte gooide echter flink roet in het eten tijdens haar eerste deelname aan een World Cup. Daardoor werd haar 3 kilometer in Salt Lake City niet wat ze ervan hoopte.
Reina sprong haast een gat in de lucht, toen ze eind november te horen kreeg dat ze in Salt Lake City mocht rijden. “Ik was zo blij. Mijn eerste World Cup bij de senioren en ook nog eens in Amerika, op een van de snelste banen ter wereld. Voor mij voelde het direct als een geweldige kans om me te meten met de top van de wereld en een wedstrijd op een hooglandbaan te schaatsen.” De ijsbaan ligt ruim 1.400 meter boven zeeniveau en daardoor is de luchtweerstand een stuk kleiner dan in bijvoorbeeld Thialf. Dat levert snellere tijden op.
Maar Reina kwam zondag op de 3.000 meter na 4.14,89 over de finish. Dat was een flink stuk langzamer dan haar persoonlijk record (4.05,66) dat ze eerder dit jaar in Inzell reed. “Woensdagnacht kreeg ik koorts en op donderdag lag ik alleen maar in bed. Vrijdagochtend kon ik gelukkig koortsvrij even het ijs op, al was het maar een kwartier. Zaterdag probeerde ik een rondje op 3-kilometersnelheid. Alleen gaat die race over zeven rondes…” Dat bleek te veel van het goede. De eerste ronde liep redelijk, maar daarna merkte Reina al snel dat een verhoging van zo’n 39 graden veel doet met een lichaam. “Ik had geen energie voor de inspanning die ik moest leveren. Mijn rondetijden liepen snel op, terwijl ik normaal heel vlak rijd.”
Zo kreeg Reina niet de beloning waar ze op hoopte. “Dat ik mocht starten was voor mij de bevestiging van wat ik dit seizoen al heb laten zien. Bij het NK zat ik dicht bij de vijfde tijd op zowel de drie als de vijf kilometer, terwijl de eerste vijf rijdsters zich kwalificeerden voor de World Cups.” Dat Reina toch in Salt Lake City mocht rijden, had ze mede te danken aan afzeggingen van Ireen Wüst en Antoinette de Jong. “Maar wat voor mij telt is dat ik er stond.”
Ondanks de beroerde afloop geeft het avontuur haar volop energie voor het Olympisch Kwalificatietoernooi van 26 tot en met 30 december. “Mijn doel is om daar de beste race uit mijn carrière te rijden. Ik wil op die manier, ongeacht het eindresultaat, tevreden zijn over mijn optreden. Stiekem hoop ik natuurlijk dat mijn tijd dan goed genoeg is voor een ticket voor de Olympische Spelen in het Zuid-Koreaanse Pyeongchang. Maar als het niet lukt, heb ik over vier jaar weer een kans. Ik ben pas 24 jaar.”
Reina sprong haast een gat in de lucht, toen ze eind november te horen kreeg dat ze in Salt Lake City mocht rijden. “Ik was zo blij. Mijn eerste World Cup bij de senioren en ook nog eens in Amerika, op een van de snelste banen ter wereld. Voor mij voelde het direct als een geweldige kans om me te meten met de top van de wereld en een wedstrijd op een hooglandbaan te schaatsen.” De ijsbaan ligt ruim 1.400 meter boven zeeniveau en daardoor is de luchtweerstand een stuk kleiner dan in bijvoorbeeld Thialf. Dat levert snellere tijden op.
Maar Reina kwam zondag op de 3.000 meter na 4.14,89 over de finish. Dat was een flink stuk langzamer dan haar persoonlijk record (4.05,66) dat ze eerder dit jaar in Inzell reed. “Woensdagnacht kreeg ik koorts en op donderdag lag ik alleen maar in bed. Vrijdagochtend kon ik gelukkig koortsvrij even het ijs op, al was het maar een kwartier. Zaterdag probeerde ik een rondje op 3-kilometersnelheid. Alleen gaat die race over zeven rondes…” Dat bleek te veel van het goede. De eerste ronde liep redelijk, maar daarna merkte Reina al snel dat een verhoging van zo’n 39 graden veel doet met een lichaam. “Ik had geen energie voor de inspanning die ik moest leveren. Mijn rondetijden liepen snel op, terwijl ik normaal heel vlak rijd.”
Zo kreeg Reina niet de beloning waar ze op hoopte. “Dat ik mocht starten was voor mij de bevestiging van wat ik dit seizoen al heb laten zien. Bij het NK zat ik dicht bij de vijfde tijd op zowel de drie als de vijf kilometer, terwijl de eerste vijf rijdsters zich kwalificeerden voor de World Cups.” Dat Reina toch in Salt Lake City mocht rijden, had ze mede te danken aan afzeggingen van Ireen Wüst en Antoinette de Jong. “Maar wat voor mij telt is dat ik er stond.”
Ondanks de beroerde afloop geeft het avontuur haar volop energie voor het Olympisch Kwalificatietoernooi van 26 tot en met 30 december. “Mijn doel is om daar de beste race uit mijn carrière te rijden. Ik wil op die manier, ongeacht het eindresultaat, tevreden zijn over mijn optreden. Stiekem hoop ik natuurlijk dat mijn tijd dan goed genoeg is voor een ticket voor de Olympische Spelen in het Zuid-Koreaanse Pyeongchang. Maar als het niet lukt, heb ik over vier jaar weer een kans. Ik ben pas 24 jaar.”












